Op 1 januari 2026 zal de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) in werking treden. Deze wet gaat over verkeer langs elektronische weg, oftewel burgers die elektronische berichten, zoals e-mails, naar bestuursorganen in Nederland sturen en andersom. De bepalingen van de Wmebv zullen worden opgenomen in de Algemene wet bestuursrecht.
De Wmebv verbetert de mogelijkheden voor de burger om digitaal met de overheid te communiceren en bevat de nodige waarborgen om de rechtspositie van de burger te beschermen. Met ‘burgers’ worden in dit nieuwsbericht ook bedrijven bedoeld.
Uitgangspunt van de Wmebv is dat burgers een bericht langs elektronische weg aan het bestuursorgaan kunnen verzenden. Op deze hoofdregel kunnen wettelijke uitzonderingen worden gemaakt, bijvoorbeeld als een aanvraag in persoon moet worden gedaan. Burgers houden op grond van de Wmebv de mogelijkheid om via de papieren weg met de overheid te communiceren.
In de Wmebv wordt onderscheid gemaakt tussen enerzijds berichten die burgers naar de overheid sturen en anderzijds berichten die de overheid naar burgers stuurt.
Bij verzending van een bericht aan een bestuursorgaan is de hoofdregel dat iedereen die een bericht dat deel uitmaakt van een procedure over een besluit, klacht of een ander wettelijk voorgeschreven bericht elektronisch aan een bestuursorgaan kan zenden. Burgers krijgen daarmee het recht om officiële berichten, zoals aanvragen voor vergunningen en bezwaarschriften, elektronisch aan het bestuursorgaan te zenden. Bij veel overheidsinstanties kon dit al, maar door de Wmebv wordt dit nu ook op het hoogste wettelijke niveau landelijk vastgelegd.
De Wmebv kent aan burgers de volgende waarborgen toe:
- Verplichte ontvangstbevestiging van een elektronisch bericht aan de overheid. Hierdoor is een burger er zeker van dat de verzending is gelukt en heeft hij hiervan bewijs.
- Recht op afschrift van ingevoerde gegevens in een webformulier. Nu kunnen burgers vaak niet meer nagaan wat ze hebben ingevuld. Dat verzwakt hun positie wanneer er hierover discussie ontstaat.
- Verbod op niet-verplichte gegevens afdwingen in een webformulier. Nu is het voltooien van een elektronische aanvraag vaak alleen mogelijk indien ook antwoord wordt gegeven op vragen die niet nodig zijn voor de aanvraag.
- Verlengde indieningstermijn bij storing. Daarmee wordt voorkomen dat een burger buiten zijn schuld een termijn overschrijdt.
Bij berichten die de overheid aan de burger verstuurt, gelden op grond van de Wmebv de volgende regels:
- Verplichte notificatie bij plaatsing van een bericht in een berichtenbox. Nu is het sturen van een notificatie niet verplicht en wordt van burgers verwacht dat ze uit zichzelf wekelijks hun berichtenbox raadplegen. Als een notificatie niet is verzonden of ontvangen wordt een eventuele overschrijding van de bezwaartermijn niet aan de geadresseerde tegengeworpen.
- Opnemen van essentiële informatie in een notificatie. Veel berichten zijn routinematig (bijvoorbeeld maandelijks over de studiefinanciering). Sommige berichten vereisen dat binnen een bepaalde termijn wordt gereageerd omdat anders sancties volgen. Aan de notificatie is dat nu niet te zien, waardoor berichten vaak ten onrechte ongelezen blijven. Voorgeschreven wordt dat een notificatie informatie over de aard en de rechtsgevolgen van het bericht moet vermelden en de reactietermijn.
- Langs andere weg contact opnemen als een notificatie niet kan worden bezorgd. Als een e-mailadres wijzigt (bijvoorbeeld bij overname van een provider) en iemand vergeet dit bij de berichtenbox te registreren, dan ontvangt hij geen notificaties meer. Als hierdoor berichten worden gemist, kan dit ernstige gevolgen hebben. Uit de wet volgt dat bij het meermaals niet aankomen van een notificatie contact moet worden opgenomen met de geadresseerde (schriftelijk, telefonisch) om een nieuw adres te verkrijgen.
- De bewijslast rond de ontvangst en de verzending met een berichtenbox berust bij het bestuursorgaan; de burger krijgt recht op afschrift van de loggegevens. Dit versterkt de positie van de burger bij een conflict over de vraag of een bericht wel of niet verstuurd is.
De Wmebv is niet van toepassing op:
- Verkeer tussen bestuursorganen
- Privaatrechtelijk handelen van publiekrechtelijke rechtspersonen zoals gemeenten, provincies en het Rijk (e.d.)
- Bekendmaking van regelgeving of van andere informatie ten behoeve van een ieder, zoals een gemeentelijke huisvuilkalender.






