Bestuursrecht

Het evenredigheidsbeginsel revisited – Raad van State geeft gehoor aan maatschappelijke kritiek

Een van de geleerde lessen uit de kinderopvangtoeslag-affaire is dat de bestuursrechter veel van het door de Belastingdienst veroorzaakte leed van getroffen ouders had kunnen voorkomen met behulp van een betere toepassing van het zogenoemde evenredigheidsbeginsel. Het evenredigheidsbeginsel, opgenomen in de Algemene wet bestuursrecht, houdt in dat de voor een of meer belanghebbenden nadelige gevolgen van een besluit niet onevenredig zwaar mogen zijn in verhouding tot het doel waarvoor het besluit is genomen.

Marginale toetsing

Lange tijd heeft de bestuursrechter, bij de toetsing van besluiten waarbij het bestuursorgaan beleidsruimte heeft aan het evenredigheidsbeginsel, (slechts) beoordeeld of het bestuursorgaan bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid wel of niet tot het besluit heeft kunnen komen (zie onder andere de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (verder: de Afdeling) van 9 mei 1996, ECLI:NL:RVS:1996:ZF2153, Maxis-Praxis). Een dergelijke terughoudende toetsing door de bestuursrechter vindt de Afdeling blijkbaar niet meer wenselijk.

Geschiktheid, noodzakelijkheid en evenwichtigheid

In een recente uitspraak van 2 februari 2022[SB|LA1]  heeft de Afdeling namelijk geoordeeld dat de bestuursrechter, als daarvoor aanleiding is, beoordeelt (1) of het besluit geschikt is om het doel te bereiken, (2) of het een noodzakelijke maatregel is of dat met een minder vergaande maatregel kon worden volstaan en (3) of de maatregel in het concrete geval evenwichtig is. In deze zaak had de Afdeling om juridisch advies gevraagd aan de staatsraden advocaat-generaal Wattel en Widdershoven.

Uit de uitspraak blijkt dat de toetsing aan het evenredigheidsbeginsel een glijdende schaal is waarbij de bestuursrechter alle varianten tussen vol en terughoudend kan toepassen. De Afdeling overweegt dat als de nadelige gevolgen van het besluit ernstiger zijn of het besluit inbreuk maakt op de mensenrechten, de bestuursrechter intensiever zal moet toetsen.

Toepassing op de zaak

De zaak waarin uitspraak werd gedaan betrof een woningsluiting door de burgemeester van Harderwijk wegens drugshandel vanuit de woning. In hoger beroep bij de Afdeling betoogde de burgemeester onder meer dat de rechtbank terughoudender had moeten zijn in de beoordeling van de vraag of de burgemeester gebruik had mogen maken van zijn bevoegdheid om de woning te sluiten. De Afdeling oordeelde echter dat de rechtbank niet terughoudend hoefde te zijn. Ook bij de toepassing van door het bestuur gehanteerde beleidsregels moet de evenredigheid van een besluit volgens de Afdeling in het concrete geval worden beoordeeld.

Aan de hand van de hiervoor genoemde uitgangspunten geschiktheid, noodzakelijkheid en evenwichtigheid, kwam de Afdeling vervolgens tot de conclusie dat de burgemeester bij de belangenafweging te weinig aandacht had besteed aan de belangen van de huurder en zijn (deels minderjarige) kinderen. Uit het besluit bleek niet dat de burgemeester zich had afgevraagd of het gezin na de woningsluiting nog kan terugkeren naar de woning als de woningcorporatie de huurovereenkomst zou ontbinden en mogelijk zou overgaan tot plaatsing van het gezin op een ‘zwarte lijst’.

De burgemeester moet nu een nieuw besluit nemen en het antwoord op die vraag daarbij alsnog betrekken.

Op welke situaties ziet de uitspraak (nog) niet?

Van belang is dat de uitspraak alleen geldt voor besluiten die berusten op een discretionaire bevoegdheid (lees: beleidsruimte) van het bestuursorgaan om een besluit te nemen. De uitspraak ziet niet op besluiten die berusten op een ‘gebonden bevoegdheid’. Een gebonden bevoegdheid betekent dat de wettelijke bepaling het nemen van een bepaald besluit dwingend voorschrijft. Hoe de Afdeling het evenredigheidsbeginsel toepast op zulke besluiten, zal uit toekomstige uitspraken moeten blijken.

Advies nodig?

Bent u betrokken bij een geschil met de overheid waarbij het evenredigheidsbeginsel een rol speelt? U kunt vrijblijvend contact opnemen met de specialisten van onze sectie bestuursrecht.


Voor meer informatie of vragen over het bovenstaande kunt u contact opnemen met mr. Ramon Riddermr. Douwe op de Hoek of mr. Stephanie Beaufort van de sectie Bestuursrecht.

Labré advocaten stelt haar nieuwsberichten zorgvuldig samen op basis van de op dat moment geldende regelgeving. Onze nieuwsberichten kunnen door de actualiteit worden achterhaald en hebben een algemeen karakter waardoor zij niet als juridisch advies kunnen worden beschouwd.

Dit artikel delen: